MEDITATIE

Zonnebloemen

Zie ze daar eens staan, frank en vrij.
Hun kopjes gericht naar zon,
alsof ze de zonnestralen strelen
hun bloemblaadjes als een kleurige krans gerangschikt.
Wiegend op een enorme steel van enkele meters hoog.

Onlangs stonden we in de tuin van mijn ouders twee enorme zonnebloemen te bewonderen. Het waren de restanten van een vogelvoederbol die daar in de winter had gehangen. De zonnebloemzaadjes hadden zich in de aarde genesteld en waren uitgegroeid tot mooie bloemen. Ze hadden die kans ook gekregen omdat ze in goede grond terecht gekomen warren en omdat ze niet bij het wieden waren weggeschoffeld, maar juist werden gekoesterd en beschermd.

Het deed mij denken aan een van de gelijkenissen die Jezus eens vertelde over de zaaier en het zaad. Zo lezen we in o.a. het evangelie volgens Lucas (hoofdstuk 8:5-16).

Samengevat, Jezus vertelt over iemand die naar zijn land ging om te zaaien. Het zaad is het woord van G’d. Terwijl hij aan het zaaien was, viel er wat zaad op de weg wat werd vertrapt en door de vogels werd opgegeten. Dat zijn de mensen die geluisterd hebben, maar daarna komt de duivel en graait het woord weg uit hun hart, om te voorkomen dat ze worden gered door te geloven. Er viel ook zaad op rotsachtige bodem, waar het niet kon groeien; dat zijn de mensen die woord vol vreugde aanhoren, maar het schiet geen wortel ofwel, ze geloven zolang het ze goed uitkomt, maar als het leven tegen zit geloven ze niet meer.

Ander zaad viel tussen de distels die het zaad verstikten, dat zijn zij die wel geluisterd hebben maar door zorgen en rijkdom en de genoegens van het leven worden ze gaandeweg verstikt waardoor ze geen vrucht dragen. Er viel ook zaad in vruchtbare aarde, en dat bracht honderdvoudig vrucht voort. Dat zijn zij die met een goed en eerlijk hart naar het woord hebben geluisterd, het koesteren en door standvastigheid vrucht dragen. Wie oren heeft om te horen moet goed luisteren.

De grote vraag is hoe wij omgaan met dat Woord van G’d dat gezaaid wordt. In de gelijkenis worden vier manier genoemd, gesymboliseerd door de vier plekken waar het zaad terechtkomt. Langs de weg, op de rotsen of stenen, tussen de dorens of in goede grond. Zijn we ontvankelijk voor het Woord van G’d of is het aan dovemansoren gericht? Krijgt het zaad de kans om in ons leven te ontkiemen? Of neemt het leven ons zo in beslag dat we het zaad wel ontvangen, maar er verder geen aandacht aan geven?

Jezus geeft aan dat het van belang is onze harten open te stellen voor zijn woorden en de vruchten van geloof en liefde te dragen. Dat zaad kan overal worden opgepikt door vogels, niet ontkiemen door de warmte of verstikt worden door onkruid. Daarom is het van groot belang dat het zaad de kans krijgt om te wortelen in goede aarde.

In de gelijkenis zaait Jezus het Woord van zijn Vader. Dat Woord mag wonen in ons hart zodat ons leven vruchtbaar wordt. Daarbij gaat om horen met oren en luisteren met het hart. Dat is de eerste stap. En kun je dat wat je hoort ook laten landen en aanvaarden? Want soms is het woord niet te bevatten met ons verstand, en wordt van ons gevraagd het te aanvaarden met ons hart. Dat vraagt om aandacht en tijd voor het Woord het G’d. Dat vraagt ook om ontvankelijkheid. Naast het horen en aanvaarden is er een derde stap, het vrucht dragen. Daar gaat het uiteindelijk om. Dat wil zeggen dat het Woord van G’d in ons hart wordt opgenomen en naar buiten komt in onze manier van leven in verbondenheid met de Eeuwige. Ieder mens is uniek, anders en heeft zijn eigen eigenheid, dat zorgt voor veel verschillende hoeveelheden en soorten vruchten. Maar allemaal hebben ze te maken met het dubbelgebod van de liefde: de liefde tot G’d en tot je medemens, het ontvangen van zegen en het uitdelen.

En nu maar hopen dat deze zonnebloemen in de tuin van mijn ouders ook volgend jaar weer opkomen en vrucht dragen…

Esther Pierik
Pastor kerkelijk werker
Protestantse gemeente Oldemarkt.